Posts tonen met het label gezond gewicht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gezond gewicht. Alle posts tonen

woensdag 19 maart 2014

Allemaal dikke mensen?


Ik heb mijn spreekuren in gezondheidscentra. Vaak zijn er in deze praktijken ook co-assistenten. Afgelopen week vroeg een co-assistent of ze een middag mocht meekijken met mijn spreekuur.

Op het spreekuur waar ze meekijkt, komen die dag 4 mensen met ondergewicht en ondervoeding. Ze hebben allemaal een eigen verhaal, een andere achtergrond en hun leeftijden variëren ook sterk: 10, 15, 28 en 42 jaar. Drie mannen, een vrouw.


Het jongetje van 10 is door zijn ouders verwaarloosd en is door Bureau Jeugdzorg uit huis geplaatst. Hij verblijft nu grotendeels in een pleeggezin en hij komt met zijn pleegmoeder voor de derde keer naar het spreekuur. Hen geef ik voorbeelden van eten dat makkelijk te kauwen en te slikken is, de keuze voor volle produkten in plaats van mager en halfvol. Ook praat ik over het starten met dieetvoeding, want de gewenste gewichtstoename lukt tot dusver niet zo goed.

De jongen van 15 komt met zijn moeder. Ze vertellen dat hij de afgelopen tijd veel spanningen heeft gehad en dat hij veel last heeft van een vol gevoel en misselijkheid. Hierdoor eet hij met moeite broodmaaltijden en slaat hij de warme maaltijd al langere tijd over. Met hen bespreek ik kleine, frequente maaltijden, zijn brood dikker besmeren en beleggen, minder water drinken en vaker kiezen voor dranken met een voedingswaarde zoals zuivel en vruchtensappen. Ook raad ik hem aan weer kleine beetjes van de warme maaltijd te nemen om dit op te bouwen.

De man van 28 komt voor de eerste keer. Hij vertelt dat hij last heeft van refluxklachten: zijn eten blijft niet in de maag maar komt makkelijk omhoog waardoor hij vaak braakt. Daarom is hij zichzelf gaan beperken in wat en hoeveel hij eet. Om te zorgen dat wat hij eet, ook binnenblijft. Hij eet op dit moment ongeveer een kwart van wat hij eigenlijk nodig heeft en bijzonder eenzijdig uit angst voor braken. Hierdoor heeft hij een groot tekort aan vitamines. Hij is erg moe, futloos, voelt zich slecht, kan zich weinig inspannen. We praten over het opbouwen van een gezonde voeding, nieuwe dingen uitproberen, over welke vitamines in welk voedsel zitten.

Daarna komt de 42-jarige vrouw. Ze vertelt dat ze in het afgelopen jaar veel is gaan sporten. Ze voelt zich goed, maar ze is door het sporten veel afgevallen. Zoveel, dat ze nu op de grens zit van ondergewicht en gezond gewicht. Ze zou graag een paar kilo willen aankomen. Ze vraagt zich af hoe ze dit het best kan aanpakken. We praten over sport en voeding, koolhydraten en eiwitten en de functies van deze voedingsstoffen in het lichaam.

De co-assistent vertelt later dat ze het heel erg leuk vond om mee te kijken. Hoewel ze wist dat er op het spreekuur niet alleen maar dikke mensen komen, had ze niet voorzien hoe de gesprekken zouden lopen. Tijd nemen voor het gesprek, doorvragen naar hoe en waarom. Iedere patiënt is anders en vraagt om een andere aanpak. Ik hoop dat deze middag haar bijblijft. Straks is ook zij een verwijzer.

donderdag 8 augustus 2013

Bord leeg eten

Vorige week las ik 2 verschillende artikelen over voeding die uiteindelijk toch wel veel met elkaar te maken leken te hebben. Het eerste artikel had te maken met hoe onze portiegroottes van nu verschillen met de portiegroottes van 100 jaar geleden. We weten dat de portiegroottes van voedsel dat we niet thuis klaarmaken; dat door fabrikanten in porties wordt verpakt of in restaurant als portie wordt geserveerd, veel groter zijn dan de porties van 25, 50, 100 jaar geleden. Maar hoe het zit met de zelfgekookte maaltijden thuis was niet zo duidelijk. Het onderzoek waarover ik las, was uitgevoerd in Denemarken. De onderzoekers hadden een kookboek met 21 typisch Deense recepten dat in verschillende edities was uitgegeven tussen 1909 en 2009, vergeleken: de eerste editie en de laatste editie als het gaat om portiegrootte.


De portiegrootte is berekend door de ingrediënten per gerecht uit te rekenen in calorieën. De gemiddelde portiegrootte per gerecht (van de 21 gerechten in het kookboek) was 21% groter in 2009 dan in 1909. Als werd gekeken naar samengestelde gerechten (zetmeelcomponent, groenten, vlees, saus of jus), dan was de portiegrootte in calorieën gestegen met 77% ! Uitgesplitst per component was de portiegrootte van vlees gestegen met 27%, van zetmeelprodukten met 148%, van groenten met 37% en van saus met 47%. Conclusie van de onderzoekers was dan ook dat de portiegrootte van typisch Deense gerechten aanzienlijk is gestegen in de afgelopen 100 jaar en dat dat een belangrijke factor is bij het risico op het ontwikkelen van overgewicht en obesitas.
Het tweede artikel dat ik las was een artikel in The New York Times, dat ging over het leeg eten van het bord. Zeker in het licht van het hierboven beschreven artikel, was dit interessant. Want zeker als we de laatste 100 jaar alleen maar méér zijn gaan eten, dan is het (moeten) leeg eten van het bord op zijn minst betwistbaar.
Kinderen worden geboren met het vermogen te eten naar behoefte. Het hele idee van borstvoeding is hier natuurlijk op gestoeld. De borstvoeding wordt bij de moeder aangemaakt naar de behoefte van het kind. Maar ook daarna, als het kind groter wordt (peuter, kleuter) is het goed in staat hoeveelheden te eten die bij hem passen. Natuurlijk bepaalt de ouder: wat, waar en wanneer er gegeten wordt. Er zijn tijden geweest (denk aan onze overgrootouders, grootouders en ook onze ouders) dat eten niet in overvloed was. Toen was het heel belangrijk om te eten wat er was op het moment dat het beschikbaar was. Vandaar dat het leeg eten van het bord door hen als heel belangrijk werd ervaren. De generaties van nu hebben die associatie niet of minder. Eten is er altijd en overal. In 2007 een onderzoek waaruit bleek dat toch 85% van de ouders hun kind proberen tijdens de maaltijd méér te laten eten door ze te complimenteren, aan te moedigen, uit te leggen waarom en door te belonen met voedsel (het toetje, bijvoorbeeld!).
Misschien door deze beide artikelen naast elkaar en door ouders bewuster te maken van de keuzes die bij hen liggen (de 3 W’s, zie boven), wordt het makkelijker om alleen nog de hoeveelheid wel door hun kind zelf te laten bepalen.